Nieuws
02 november 2018 - Ron Smeets

Veel duurdere iPhone legt Apple geen windeieren Afgelopen kwartaal werden slechts 0.4% meer iPhones verkocht maar de omzet steeg met 29%

Iedereen weet inmiddels wel dat de prijzen van de iPhones de pan uit gerezen zijn. Voor het absolute topmodel moet je tegenwoordig meer dan 1650 euro uit je zak kloppen, maar ook de meeste andere modellen – X, Xs en Xs Max – kosten meer dan 1000 euro. Belachelijke prijskaartjes voor een apparaat dat, met een beetje geluk, drie jaar probleemloos functioneert. Let wel, ik ben dezelfde mening toegedaan wat betreft smartphones met viercijferige prijskaartjes van fabrikanten als Samsung (Note9), Huawei (Mate 20 Pro) en tegenwoordig ook Oppo (Find X). Apple bewijst met haar meest recente kwartaalcijfers echter dat die exorbitante prijskaartjes lonen.

Slechts 0.4% meer iPhones maar wel 29% meer omzet
De Amerikaanse fabrikant presenteerde vannacht haar meest recente kwartaalcijfers. In Q3 (fiscaal is dat Q4 in de VS) verkocht Apple in totaal 46.9 miljoen iPhones. Dat was, vergeleken met een jaar geleden, een stijging met 210.000 toestellen, of 0.4%. De omzet steeg echter met maar liefst 8.4 miljoen dollar; 29%. Je hoeft geen rekenwonder te zijn om te concluderen dat het duurder maken van de iPhone Apple vooralsnog bepaald geen windeieren legt. De gemiddelde verkoopprijs van een iPhone steeg in een jaar tijd – en bedenk dat Apple vorig jaar in dit kwartaal ook al de iPhone X had die 1129 tot 1259 euro kostte – van 618 naar 793 dollar!

Prijsverlaging zit er voorlopig niet in
De prijs van een iPhone lag drie jaar geleden al op het dubbele van wat ooit de eerste iPhone kostte maar tussen 2015 en 2018 heeft Apple het prijkaartje nog eens verdubbeld – voor het topmodel dan. De verkoop- en omzetcijfers die vandaag gepresenteerd zijn bewijzen zoals gezegd dat Apple er mee weg komt. Het marktaandeel van Apple heeft er niet onder te leiden. De consument – en iPhone fans – blijven meer en meer geld uit hun beurs schudden om elk jaar (of elke twee jaar) met een nieuwe iPhone te kunnen pronken. Zolang dat zo blijft lachen ze zich bij Apple de ballen uit hun broek. En geef ze eens ongelijk. Ik denk dat letterlijk iedere fabrikant hetzelfde zou doen als blijkt dat je met dezelfde inzet toch steeds meer omzet en winst kunt behalen door de prijs op te drijven. Minder, of hetzelfde, doen en daar dan 29% meer omzet uit halen? Daar zegt geen enkele ondernemer nee tegen. Kortom, je hoeft voorlopig echt niet te hopen op een prijsverlaging van de iPhone.

Consument de dupe?
Het feit dat Apple succes heeft met exorbitante prijzen voor haar iPhones is slecht nieuws voor de gemiddelde smartphone consument die graag met een vlaggenschip toestel wil rondlopen. Je ziet namelijk dat concurrenten als Samsung en Huawei ook begonnen zijn de prijzen van hun topmodellen op te drijven. De Galaxy Note9 kost ook al 999 euro en 1249 euro. En Huawei heeft zelfs een 1700  en 2100 euro model van de Mate 20 Pro. Ok, dat is wel een special Porsche Design editie, maar de standaard Mate 20 Pro kost nu ook 999 euro. Ik vrees dat de Koreaanse en Chinese vlaggenschepen van begin volgend jaar, de Galaxy S10 en P30 Pro, viercijferige prijskaartjes gaan krijgen. Sterker nog, het feit dat een – voor Europa – relatief nieuw merk als Oppo meteen met een 1000 euro toestel op de proppen komt, de Find X, bewijst dat fabrikanten meer en meer mee proberen te liften op de prijsstrategie van Apple. Of ze daar allemaal in gaan slagen is natuurlijk de vraag. Apple heeft een iets bijzondere marktpositie dan menig ander merk.

Gat in de markt opent zich
Het feit dat vlaggenschip smartphones, met Apple ver voorop, straks allemaal viercijferige prijskaartjes hebben biedt ook kansen voor de concurrentie. Apple, Samsung en Huawei openen met hun prijsstrategie namelijk een nieuw gat in de markt. Dat van toestellen met prijskaartjes van de vlaggenschepen van weleer – tussen de 500 en 700 euro. De prijsklasse waar je vroeger (lees: drie jaar geleden) de nieuwste iPhone en Galaxy S kon vinden. Samsung is daar met de Galaxy A9 al zo’n beetje in gesprongen. Al zeiden de Koreanen desgevraagd dat dat niet de reden was waarom de Galaxy A9 bedacht is. Hoe dan ook, ik verwacht de komende maanden meer toestellen in die categorie. Strikt genomen hoort de OnePlus 6T daar ook al bij met zijn prijskaartje dat varieert van 539 tot 639 euro. Toestellen met betere specs dan de vlaggenschepen van destijds, maar iets minder goed uitgerust dan de viercijferige vlaggenschepen van nu. Die nieuwe categorie sluit dan ook weer mooi aan bij de al razend populaire prijscategorie van 300 tot 400 euro met toestellen als de Nokia 7 Plus, Huawei Mate 20 Lite en LG G7 Fit.

Hoe lang lacht Apple nog?
Intussen zijn ze in Cupertino nog lang niet uitgelachen vrees ik. Het signaal voor Apple om iets aan de exorbitante prijs van de iPhone te doen moet toch echt uit de markt zelf komen. Op dit moment lijkt het Apple zelfs niet te deren wanneer er ineens 2 of 3 miljoen iPhones per kwartaal minder verkocht zouden worden. Dat wordt omzet technisch meer dan voldoende opgevangen met de hogere verkoopprijs. En dan kom ik weer op het argument van minder doen (en leveren) voor meer geld. De droom van elke producent. Met de huidige gemiddelde verkoopprijs van een iPhone zou Apple in het afgelopen kwartaal dezelfde omzet gedraaid hebben als een jaar geleden wanneer ze 36.4 miljoen iPhones verkocht zouden hebben; 10.5 miljoen exemplaren minder dan dat ze in werkelijkheid aan de man en vrouw wisten te brengen. En dan zouden ze natuurlijk nog altijd meer winst gemaakt hebben omdat ze minder toestellen hoefden te produceren en distribueren. Tsja…

iPad het zorgenkindje
Dan nog even terug naar de kwartaalcijfers. Daaruit blijkt ook dat de iPad nog steeds het zorgenkindje is. Voor Apple begrippen dan weliswaar. In Q3 gingen 9.7 miljoen iPad’s over de toonbanken en die leverden de fabrikant 4.1 miljard dollar omzet op. Vergeleken met een jaar eerder zijn dat 6% minder tablets en 15% minder omzet. De strategie van het duurder maken – door de iPad Pro te introduceren – werkt daar dus niet. De gemiddelde verkoopprijs daalde namelijk van 467 naar 422 dollar wat zoveel betekent dat de consument juist voor de goedkopere iPad modellen kiest. Bij de iPhone is die optie er natuurlijk niet. Nou ja, je kunt kiezen voor de verouderde iPhone 7 (vanaf 529 euro).

Over de auteur: Ron Smeets
 
Ron is mede oprichter en hoofdredacteur van Mobile Cowboys. Zijn passie voor mobiele gadgets is ontstaan aan het begin van de jaren 90 en groeit nog dagelijks. Ooit begonnen met een KPN Autotelefoon die je per dag kon huren en via een Mitsubishi portable NMT telefoon en vrijwel elke Nokia die in de hoogtijdagen van de Finse fabrikant voorbij kwam inmiddels een fervent gebruiker (en tester) van tientallen smartphones en andere mobiele gadgets van alle mogelijke fabrikanten. Ron is in tien jaar tijd uitgegroeid tot een van de meest toonaangevende autoriteiten in de Telecom markt.